top of page

Een interview met Textile Artist Christ

Christ maakt unieke draagbare ontwerpen door de meest ingenieuze patronen te vormen. Voor The Life of Food creëerde ze niet alleen de kostuums voor de performance artists, maar droeg ook bij aan de realisatie van grote ruimtelijke werken. Onder haar handen transformeren platte stukken textiel in 3D meesterwerken.

Sinds 2013 is Christ ook oprichtster en hoofdontwerpster van het modelabel Chairmelotte.

IMG_1227.jpeg

''Vanaf dat moment was ik niet meer te stoppen en begon ik de fijne kneepjes van het patroonontwerpen onder de knie te krijgen.''

Je ontwerpt nu de kostuums voor eetbare kunst -tour The Life Of Food. Je ontwerpt al langer met textiel, vertel eens wat over je achtergrond in fabric design?

 

Mijn hele leven heb ik al een fascinatie voor het vormgeven van textiel. Ik herinner me dat ik kleertjes voor mijn pop wilde maken, ik was toen een jaar of zes, misschien zeven. Ik bedekte het hele poppenlijfje met stukjes vilt en plakte dat met plakband aan elkaar vast. Daarna knipte ik het geheel los en streek de stukjes plat. Met grote verbazing keek ik naar de vorm van het platte stuk: had dat rondom om de pop gezeten? Het wekte mijn interesse voor patronen: hoe zou een bepaalde vorm er als plat patroon uit zien en andersom, hoe kon je een plat stuk textiel zo vormgeven dat het om een ronde of gebogen vorm past? In de loop der tijd werd ik steeds meer gefascineerd door 3D ontwerpen. Gelukkig had ik een moeder die coupeuse was. Ze werkte weliswaar met

standaard patronen, maar maakte mij vertrouwd met de constructie van een kledingstuk. Ze leerde mij ook het vak van coupeuse tot in detail door alles voor te doen en uit te leggen. Ik was niet alleen geïntrigeerd in het maken van kledingpatronen, maar ook voor het ontwerpen van grotere werkstukken. Ik herinner me mijn eerste ‘grote’ werkstuk : een kampeertent. Ik was 14 jaar toen mijn ouders een kampeertent zochten, maar niet konden slagen. Ik schetste er een op papier en dat bleek precies het gewenste model dat ze voor ogen hadden. Ik ontwierp het patroon en samen met mijn moeder maakten we die kampeertent, waar we ook echt in gekampeerd hebben.

 

Zelf begon ik pas echt met naaien van kleding in mijn studententijd op een simpele geleende naaimachine en met kant en klare patronen. Eerst voor mezelf, maar later ook voor vrienden en vriendinnen. Het volgen van mijn studie was heerlijk, maar het werken met textiel was mijn tweede liefde. Echt gelukkig werd ik na het volgen van een cursus patroontekenen, waardoor ik meer inzicht kreeg in vormleer. Ik verdiepte me in patroonaanpassingen en pasvormcorrecties. Vanaf het moment dat ik de fijne kneepjes van het patroonontwerpen onder de knie te begon te krijgen, was ik niet meer te stoppen.

Het liefst schets ik zelf een ontwerp, maar soms ook vormt een gekocht patroon het uitgangspunt voor een werkstuk dat ik helemaal naar mijn hand kan zetten. Het geeft me veel voldoening als een kledingstuk geheel bij het lichaam van de drager aansluit. Het maakt een gigantisch verschil in hoe je er uit ziet als je maatkleding kunt dragen.

Verder heb ik een voorliefde voor kledingstukken die normaal niet gecombineerd worden als een geheel. Zo ontwierp ik een ‘suitdress’. Deze jurk is een combinatie van een jasje en een jurk waarbij het jasje overloopt in de jurk. Voor The Life of Food ontwierp ik zo ook een combinatie van een sloof en vestje voor in het kunstwerk Eating of Food.

 

Wat maakt het creëren van patronen zo leuk?

 

Al heb ik al eindeloos veel kledingstukken gemaakt, het blijft altijd magisch om van platte stof een 3D vorm te maken. Daarbij zijn ook alle lichamen anders. Het vertalen van de, toch eigenlijk wel vreemde lichaamsvormen van de mens, naar een uitgeklapte platte versie blijft fascineren.

Kleding volgt natuurlijk niet alleen het lichaam. Kleding kan juist vorm geven aan een lichaam. Bij het ene lichaam moet een naad net iets verder naar onder, opzij of iets meer krom gestikt worden dan bij het andere lichaam om het op zijn mooist te flateren. Mode flatteert over het algemeen met meest als je beweegt. Kleding wordt ontworpen om gedragen te worden door mensen die lopen, en wordt niet voor niets geshowd op een catwalk.

In 2013 startte ik het modelabel Chairmelotte waarbij ik voor mezelf de uitdaging aanging om mode te ontwerpen die mooi staat als je zit. De looks and feel van kleding voor mensen die zitten zijn compleet anders. Ik zette mijn kunst van het patroon maken in voor het maken van custom made aanpaste kleding voor mensen in een rolstoel, die niet alleen fantastisch staat als je zit, maar ook comfortabel en vooral praktisch is, met verborgen extra’s als ritsen en verlengde panden, en met een zit-snit die de vorm van het gebogen lijf volgt. De webshop waar de aangepaste kleding wereldwijd verkocht werd is inmiddels gesloten. Met mijn label voor bespoke couture heb ik bijgedragen aan de emancipatie van rolstoelgebruikers, door deze nu open te stellen voor zowel zittende als lopende mensen. Voor zover ik weet is er in de wereld geen ander modelabel dat zich op zowel zittende als lopende mensen richt.

Ik heb nu meer tijd voor contact met de klant, voor écht maatwerk, en kan ik voor ieder lichaam eerst een ‘paspop’ creëren die de lichaamsvormen in alle richtingen vastlegt. Dan past de kleding nog beter dan wanneer je alleen met een meetlint een aantal maten opneemt. Het creëren van een item dat helemaal naar de smaak van de drager is, is fantastisch om te doen. Of je nu in een rolstoel zit of niet, passende maatkleding maakt iedereen mooier en zelfverzekerder.

 

Voor The Life of Food gebruik ik de kunst van het patronen maken niet alleen om de kostuums bij de lichamen aan te laten sluiten, maar ook om nieuwe vormen te creëren. Zo worden de bedienende artiesten meer dan alleen een persoon.

 

Waar heb je allemaal rekening mee gehouden bij het ontwerp van de kostuums voor The Life of Food?

 

De kostuums moeten vanzelfsprekend aanvoelen voor de bezoekers. Juist om deze vanzelfsprekendheid te bereiken gaan er heel veel ontwerpstappen aan vooraf. Dingen die net niet kloppen vallen op.

Voor het ontwerp voor de kostuums ín de kunstwerken, die worden gedragen door de performance artists, is er een nauwe samenwerking met zowel de food artist als de performance artiesten. Zo ontstaat er echt een geheel waarbij alle elementen kloppen.

 

Voor de outfits voor in het kunstwerk Eating of Food ben ik begonnen met een onderzoek naar verschillende soorten werkkleding die gebruikt wordt in bestaande horeca. Deze input heb ik gebruikt om een artistieke versie te creëren die voor bezoekers nog steeds herkenbare elementen bevat. De kleding die gedragen wordt moet er niet alleen aantrekkelijk uitzien, maar ook praktisch zijn in een eetomgeving. Daarom gebruikte ik bijvoorbeeld vegan leather, een materiaal dat gemakkelijk hygiënisch kan worden afgenomen. Voor de kunstinstallatie xxxx (naam?) was voor het kostuum van de performance artist een

iteratief proces nodig om tot de uiteindelijke vormgeving te komen. Niet alleen de vorm evolueerde, de eerder uitgezochte materialen die gebruikt werden voor het prototype bleken in een test in de praktijk niet te voldoen. Het kostuum moet aan nogal wat eisen voldoen, waarbij uiteraard rekening gehouden moet worden met de feedback van de performance artist zelf. Ook niet onbelangrijk is de match met de belichting en de aanwezige elementen in het installatie. Vanuit praktisch oogpunt moet het kostuum ook perfect aansluiten bij de condities waaronder het kostuum gedragen gaat worden.

Maar bovenal moet het kostuum exact aansluiten bij de visie die achter een kunstinstallatie ligt. Het moet uitdrukking geven aan het geheel van ideeën met een zeggingskracht die de werkelijkheid overstijgt. Het is heerlijk om uiteindelijk uit te komen bij een kostuum dat niet alleen de performance artist een ‘boost’ geeft, maar dat uiting geeft aan de diepere laag achter het kunstwerk.

 

 

Je helpt ook een handje met de textiel elementen van de installatie kunstwerken, hoe is dat?

 

Normaal maak ik kleding die mensen kunnen dragen, dus op het formaat van mensen. Zonet heb ik meegeholpen voor The Life of Food om een gigantische beweegbare ‘tent’ in elkaar te stikken van bijna 5 meter doorsnede. Alhoewel het nadenken over de stiksels en in welke richting de stof zich beweegt hetzelfde blijft, is het werken op deze schaal toch wel echt iets anders! Alleen al het optillen van de stof om het onder de naaimachine te krijgen is al zwaar omdat er gewerkt wordt met meer dan 70 vierkante meter aan elkaar gestikte stof voor dit ene kunstwerk.

Voor één van de andere kunstinstallaties heb ik een ‘matras’ gemaakt van maar liefst vier bij vier meter en voor een ander kustwerk heb ik in nauwe samenwerking met de food artist een ontwerp gemaakt voor de bedekking van de vloer, waarbij het lijnenspel van de gestreepte stof in het design optimaal tot zijn recht komt. Alles wat ik voor de realisatie van de kunstwerken in The Life of Food maak is groot en veel, in meters, in kilo’s, in aantallen en in werkuren. Maar het is enorm leuk om samen te werken met Studio Echt om tot zulke grootse resultaten te komen.

chairmelotte jurk.jpg
chairmelotte skirt.jpg
christ werkt aan tent.jpg
pakje foto.jpg
bottom of page